bettiol

Coming Soon

bettiol

De pareltjes van Stephan

Een fiets van drievoudig Ronde-winnaar Tom Boonen. De fiets waarmee Fabian Cancellera over de streep van zijn laatste Parijs-Roubaix bolde. Een fiets die ki-lo-meters met de Leeuw van Vlaanderen, Johan Museeuw, heeft rondgereden. Het zijn maar enkele pareltjes uit de verzameling van Stephan Willers die je kan bezichtigen bij ons. Waar de ene postzegels verzamelt, heeft Stephan het meer voor fietsen met een verhaal. 

Kattenpis? We hebben het gehoord! 

Stephan, geboren en getogen in het Duitse Münster maar gebeten door de grensoverschrijdende wielermicrobe.  Ook in Münster is de fiets alom aanwezig, maar dan vooral recreatief. Met de op een na grootste universiteit van Duitsland maken de studenten er dankbaar gebruik van.

Qua sfeer en mentaliteit zijn Münster en het Münsterland vergelijkbaar met Gent en Vlaanderen. Een pittoreske stad, dat kan Renaat Schotte beamen. Tijdens de Ronde van Duitsland in 2006 verbleef hij dichtbij een populaire studentenbeurt, een plaatselijk biertje ’s avonds moest dus zeker eens geprobeerd worden. ’s Anderendaags, tijdens het becommentariëren van de proloog van Düsseldorf naar Bielefeld, beschreef hij zijn ervaringen van de avond ervoor. In de veronderstelling dat er toch geen Münsteraren luisterden omschreef hij het geproefde bier als kattenpis. Dat was dan toch buiten Stephan gerekend… 

De liefde voor de Ronde

Stephan’s liefde voor de Ronde begon toen hij een jaar of negen was. In Münster was er een grote wedstrijd, de EWG-Fernfahrt. Een koers voor liefhebbers, met start in Enschede (Nederland) en aankomst na 163 km voor de gebouwen van de Germania-brouwerij in Münster. Deze wedstrijd was de laatste wedstrijd die een jonge Eddy Merckx als belofte won.

Het wielrennen in Duitsland kreeg niet veel aandacht. Een kort verslag van hooguit vijf minuten van een wielerklassieker was het hoogst haalbare. In schril contrast met Vlaanderen, het paradijs van de wielersport met Vlaamse wielerhelden zoals Roger De Vlaeminck en Freddy Maertens.  Ieder jaar opnieuw keek kleine Stephan dan ook reikhalzend uit naar de dag waarop de renners Münster binnen reden op hun stalen ros, onder de indruk van de lange afstand die ze dan al achter de kiezen hadden.

Tijdens zijn studies in 1983 in Münster kluste hij bij als taxichauffeur – of was het eerder studeren tussen het vele taxi rijden door? Hoe dan ook, de ene nachtshift na de andere nam hij voor zijn rekening, iedere nacht bracht hem een stukje dichter bij zijn droom: een eigen koersfiets. Het geld was één zaak, de aankoop van de fiets een andere. In Duitsland was het geen sinecure om een koersfiets te kopen, en buiten liefde voor de fiets had hij er niet veel kennis van.   

Uiteindelijk kwam hij terecht bij een fietswinkel in het Duitse Bocholt. Een verdeler van Italiaanse frames van Gios en Colnago. Het werd een Colnago, in de kleuren van de DelTongo-ploeg. De ploeg van onder meer Cippollini, Fondriest en Ballerini.

In 1989 kreeg Stephen een baan in Aken, nu wel heel dicht bij zijn Vlaamse wielerparadijs. Nu kon hij niet alleen de wedstrijden zien op de VRT maar kon hij er ook effectief zijn helden aanmoedigen. De wielermicrobe liet hem niet meer los. De magie van het wachten aan de startplaats op de aankomst van de ploegen – die aankomst zag Stephan vanop de eerste rij zag evolueren. Waar ze in het begin aankwamen met gewone volgwagens, werden het snel bussen en nu zijn het omgebouwde bussen met douches en alle nodige faciliteiten er in-, het klaarzetten van de fietsen door de mecaniciens.  Het is wachten op de renners en iedereen kijkt naar de fietsen. Iedere fiets verschilt, hoe minimaal ook. Geleidelijk aan komen de renners uit de bussen. Een laatste check van de fiets, enkele woorden wisselen met de staff van de ploeg, tijd maken voor de supporters en de pers en dan snel nog een handtekening plaatsen op het startblad. Nog zo’n kleine acht minuten tot de start, de nervositeit stijgt, zowel bij de renners als het publiek. De helikopter vliegt laag om mooie beelden te kunnen maken en dan volgt er het schot van het startpistool. Je hoort het klikken van de schoenen in de pedalen en ze zijn vertrokken. Een van hen zal vandaag de winnaar zijn, maar na zes uren zal hij die overwinning niet zomaar krijgen. Hij zal er hard moeten voor vechten, hij moet slimmer en sterker zijn dan zijn tegenstanders en hij moet gespaard blijven van het noodlot. Zijn koersfiets is zijn trouwe paard die hem zal dragen op deze weg naar de zege en de eer.

Het lijkt een beetje poëtisch te zijn, maar die fietsen staan dan toch als blijvende getuigen voor deze  euforie en dramatiek van de wielersport. Getuigen die het verdienen om gezien te worden. Vandaar dat ik mijn fietsen tentoonstel in het Centrum Ronde van Vlaanderen. – Stephan Willers

De Ronde-fiets van Erik Zabel: Colnago Extreme Power

Erik Zabel hing zijn fiets aan de haak in 2008, na een rijke carrière. Viervoudig winnaar van Milaan-San Remo, 12 ritten in de Tour de France en maar liefst zesmaal mocht hij de groene trui aantrekken in Parijs.

In zijn laatste jaar reeds hij voor de Duitse ploeg MILRAM. De ploeg reed met witte Colnago fietsen maar Erik kreeg twee blauwe fietsen, de kleur van de Duitse zuivelfabrikant MILRAM. De mooiste fietsen uit het peloton, volgens Stephan.

Midden juni 2009 was Stephan ergens in Nederland op zoek naar een wielergids voor de komende Ronde van Frankrijk. Eens hij die bemachtigd had, zag hij er een advertentie instaan van wielerzaak Van Tuyl in Zaltbommel, Nederland. Daar aangekomen bleek dat het niet enkel mogelijk was om nieuwe fietsen te kopen, maar ook oude(re) proffietsen. Wham! Dat kon toch niet waar zijn? Een foto van de blauwe Milram-fiets van Erik Zabel stond ook in de catalogus. Stephan was vastberaden. Die fiets zou van hem worden. Het bleek echter makkelijker gezegd dan gedaan. Na contact opgenomen te hebben met de eigenaar werd om zijn fietsmaten gevraagd. Toch wel vreemd, vond Stephan. Want waarom hadden ze nu zijn fietsmaten nodig als hij een fiets van Zabel wou kopen? Uiteindelijk bleek de verkoper een groot lot fietsen van Rabobank en Milram overgenomen te hebben en wou hij persé een fiets met de juiste fietsmaat van Stephan aanbieden. Want wie wil nu een fiets die zijn maat niet is? Na heel wat heen en weer mailen werd het eindelijk duidelijk en was de kogel door de kerk. De fiets van Zabel was eindelijk in handen van Stephan.

De tweede blauwe fiets is nog steeds in het bezit van Erik Zabel zelf. Maar welke fiets is nu de reservefiets en welke de wedstrijdfiets van de Ronde? Niemand kan het nu met de volle 100% zekerheid zeggen, ook Erik zelf niet. Al wijzen enkele details in de richting van deze fiets. De fiets is nog in originele staat, behalve de Dura-Ace manivellen.  Die hebben de SRM-Powermeter cranks vervangen. Stephan vond nog restanten van plakband waarmee de datakabels van het SRM onder de onderste buis waren gekleefd, waardoor het normaal snel duidelijk zou zijn dat dit de wedstrijdfiets was want bij de meeste renners was hun trainingsfiets niet voorzien bij SRM. Maar niet bij fanatieke Erik, bij hem waren beide fietsen voorzien van SRM.  Bij de renners was toen meestal alleen hun wedstrijdfiets voorzien van een SRM. Toen hadden die renners meestal alleen het wedstrijdfiets voorzien van SRM. Anders bij Erik, ook zijn reservefiets had SRM. De krassen op de fiets wijzen echter op valpartijen, waardoor de kans groot is dat hij met deze fiets op 6 april 2008 de Ronde van Vlaanderen heeft gereden, meteen zijn laatste. Hij werd toen 67ste.